Twitterfitties explained

WAAROM WE OP SOCIAL MEDIA LEKKER ONGENUANCEERD ZIJN NAAR ELKAAR

De hashtag #dtv is al jaren populair op Twitter om adviezen in te winnen van mede Twitteraars. De wereld ligt aan je voeten, zou je denken. Stel je plaatst een vraag over je tuin, maar in plaats van nuttige adviezen ontketen je een explosie van kritische reacties waarop je nou net niet zat te wachten. Sterker nog, het was nooit je bedoeling om een statement te maken. Wat zorgt ervoor dat mensen in discussies over bijvoorbeeld klimaat of gezondheid, zoveel negativiteit naar elkaar uiten op sociale media terwijl een goed gesprek ons juist verder zou helpen?

Verklaring

1

WE BEGRIJPEN ELKAAR VERKEERD

Eerlijk is eerlijk: Twitter is nou niet een medium waarop je genuanceerd dingen kan uitleggen. Daar zijn die 280 tekens net iets te weinig voor. We krijgen dus maar weinig informatie waarmee we onze conclusies moeten trekken. En om ons dagelijkse leven, online én offline, een beetje gemakkelijker te maken vertrouwen we soms iets te goed op de keuzes van ons brein. We filteren namelijk, de al beperkte, informatie op een manier die niet altijd handig is. Wanneer iemand een foto plaatst van een vette hamburger hebben we al snel ons oordeel klaar: ’Wat leeft die persoon ongezond.’ Maar misschien is dat helemaal niet het geval en is dit een momentopname. Alleen vinden we het het simpelweg makkelijker om onze eerdere conclusies over mensen in stand te houden, dan je mening bij te stellen.

Verklaring

2

WE BEHOREN NIET TOT DEZELFDE GROEP

Terug naar de tuin. Als je zelf een groene weelderige tuin hebt waarin de bloemetjes en bijtjes floreren, dan identificeer je je met mensen die óók zo’n tuin hebben. Of in ieder geval dezelfde overtuiging hebben van hoe een tuin er uit zou moeten zien. Binnen die eigen groep mensen, die elkaar niet hoeven te kennen, heb je automatisch een negatiever beeld van de mensen die daar buiten vallen. In-group favoritism noemen we dit. Door de foto bij deze Tweet wordt iemand automatisch in een hokje geplaatst.

Verklaring

3

WE LATEN ONS MINDER TEGENHOUDEN

Het is ondertussen algemeen bekend dat anonimiteit er ook toe bijdraagt dat mensen op sociale media zich anders uiten dan in het dagelijkse leven. De anonimiteit zorgt ervoor dat we ons minder verantwoordelijk voelen over wat we zeggen en we voelen daardoor de vrijheid om negatief gedrag te laten zien. Wanneer we bovendien een écht anoniem profiel gebruiken (fictieve naam en foto) zijn mensen nog minder geremd.

Verklaring

4

WE HEBBEN EEN VERKEERD BEELD VAN WAT ANDEREN KUNNEN

Uit onderzoek blijkt daarnaast dat we de mentale capaciteit van andere mensen lager inschatten: the Lesser minds problem. We kunnen immers niet iemand zijn gedachten lezen en daarom zien we anderen onbewust als minder menselijk. De fysieke afstand op sociale media draagt daar natuurlijk ook nog eens aan bij. In jouw ogen begrijpen anderen de wereld dus niet zoals jij dat doet. Het lijkt er dan echter snel op dat we onszelf dan beter voelen dan anderen, een imagokwestie. Maar dat is niet het geval, we ervaren het onbewust. De conclusies die we trekken over anderen, doen we niet alleen op basis van wát iemand schrijft of zegt. Maar ook hóe. Uit een experiment blijkt namelijk dat we de mentale capaciteit van anderen hoger inschatten als we een stem erbij horen. Verrassend is echter dat het toevoegen van beeld geen toegevoegde waarde heeft! 

BELANGRIJKSTE ADVIES

Heb je een vraag die je aan het grote publiek wilt stellen? Doe dit dan via een gesproken bericht of video ;).

#ingroupfavoritism #confirmationbias #stereotyping 

Geschreven door Aranka Sinnema, gedragsexpert bij Duwtje

Bronnen:

1. Lieberman, A., & Schroeder, J. (2020). Two social lives: How differences between online and offline interaction influence social outcomes. Current opinion in psychology, 31, 16-21.

2. Shortland, N. D. (2016). “On the Internet, Nobody Knows You’re a Dog”: The Online Risk Assessment of Violent Extremists. In Combating Violent Extremism and Radicalization in the Digital Era (pp. 349-373). IGI Global.

3. Schroeder, J., & Epley, N. (2015). The sound of intellect: Speech reveals a thoughtful mind, increasing a job candidate’s appeal. Psychological science, 26(6), 877-891.