DUWTJE Q&A

INZENDING ROOKGEDRAG TOESCHOUWERS SPORTCLUBS

“Ik houd me bezig met de communicatie van onze hockeyclub. We merken dat veel toeschouwers en bezoekers langs de lijn en rondom het clubhuis roken. Hoe geven we hen een #Duwtje?”

Een vraag waar ongetwijfeld niet alleen hockeyclubs mee zitten! Rookgedrag van toeschouwers is voor veel sportclubs een lastig punt. Sporten is immers gezond en daar past roken niet helemaal bij. Er zijn talloze campagnes over rookgedrag, waarbij de roker vaak met een belerend vingertje voor schut wordt gezet. De roker weet hartstikke goed dat roken niet goed is, dus zo’n boodschap is meestal niet effectief, maar wat kun je dan wel doen?

DE DO’S & DONT’S

1

SLUIT AAN BIJ DE JUISTE MOTIVATIE

DON’T: gebruik geen negatieve emoties

Emoties beïnvloeden ons gedrag flink. Dat een sigaret in je broekzak houden terwijl je snakt naar een sigaret niet gepaard gaat met vrolijkheid had je vast al geraden.

Een snelle zoektocht naar anti-rook campagnes op het internet heeft vooral veel negativiteit als resultaat: van gruwelijke beelden van vergrijsde longen tot verrimpelde gezichten en gele tanden. Negatieve emoties zijn ook een manier om gedrag te veranderen, maar alleen als het gewenste gedrag eenvoudig is om uit te voeren en je niet wordt aangetast op wie jij als mens bent. Deze nare campagnes wekken dus vooral weerstand en een gevoel van hulpeloosheid op.

DO: Speel in op emoties en motivatie die rokers in hun waarde laat

We kunnen echter wel proberen om positieve emoties die spelen aan het gewenste gedrag te koppelen, zoals de liefde en zorg om onze kinderen of het winnen van een wedstrijd. Communiceer bijvoorbeeld dat men door niet te roken op de club bijdraagt aan het rookvrij en dus gezond opgroeien van de kinderen van de club.

2

ERKEN WEERSTAND

DO: Erken dat het niet altijd makkelijk is

Alhoewel het als niet-roker soms moeilijk is om te bedenken hoe groot de drang naar een sigaret is, kennen we allemaal wel een (onschuldigere) verslaving. Als wij op kantoor worden gevraagd om de chocoladetaart die onze collega meeneemt te weerstaan zitten wij in ieder geval niet te wachten op een “Joh, pak gewoon een worteltje, zo moeilijk is dat niet”. Do: erken dat het best lastig is om niet te roken tijdens de wedstrijd, in plaats van hier tegen in te gaan. “We begrijpen dat de wedstrijd spannend is en dat een sigaret dan heel fijn kan zijn”. Doordat de doelgroep zich gehoord en begrepen voelt staan ze ook meer open voor de boodschap erna: “maar zou je het toch niet op de club willen doen?”

DO: Betrek de doelgroep bij het bedenken van oplossingen

Een andere manier om met weerstand om te gaan, is de doelgroep te betrekken bij de moeilijkheid waar je als organisatie voor staat. Laat mensen eerst een vragenlijst invullen over wat zij vinden van het roken op de club en welke alternatieven ze zelf hebben. Dit kan ook interactief door in het clubhuis met een ideeënbox te werken.

3

ZET NORMEN SLIM IN

DO: Laat zien of vertel wie het gewenste gedrag al laat zien

Mensen zijn sociale wezens: we hebben vaak niet eens door hoezeer we ons gedrag laten sturen door wat de meesten doen. Laat het daarom weten als de meerderheid het gewenste gedrag al vertoont. “90% van de Nederlanders doet zijn belastingaangifte op tijd”. Maar wat als de meerderheid het juist nog niet goed doet? Gelukkig kun je ook communiceren met een trend die in dit geval wel positief is:Steeds meer bezoekers staan rookvrij langs de lijn”. Je maakt het effect extra sterk als je hierbij ook beeld gebruikt die dat laat zien.

4

VOORKOM WEERSTAND EN BIED MOGELIJKHEDEN

DO: Geef keuzevrijheid en vertel wat je wél wilt dat mensen doen

“Ik moet helemaal niets!” Mensen houden er niet van als ze gedwongen worden om iets te doen. Hoe je het ook went of keert, door mensen te verbieden om hun gebruikelijke sigaretje aan te steken, ontneem je hun een stukje keuzevrijheid. Een rookverbod kan dus (zeker in het begin) op weerstand stuiten. Probeer dit te voorkomen door het aanbieden van meerdere alternatieven. Bijvoorbeeld: rook op plek X achter de club of plek Y bij de parkeerplaats. Tegenover een verbod (hard of zacht) hoort altijd een alternatief te staan, wat wil je dat mensen wél gaan doen?

Ook een gedragsvraag? Laat het ons weten via Facebook of stuur een mailtje naar info@duwtje.com!